Ingmar Heytze publiceert elke zaterdag een gedicht in het AD Utrechts Nieuwsblad.
De gedichten zijn in deze sectie na te lezen.
  • Re-Enactor (27-02-2010)
    Wie speelt ons later na, mijn lief,
    wie wordt de dief van ons verleden?
    Zou iemand, misschien bij gebrek
    aan een eigen rol in het leven,

    jou en mij nog eens spelen,
    het hele verhaal met alles erbij:
    lange wandelingen door de nacht,
    onze kleren en de scooter en de zee,

    de dingen die we zeiden, zwegen.
    Bedoelen ze, al spelend, te gaan
    voelen wat wij voelden voor elkaar?
    Bestaat de kans dat wij dat zullen weten?

    De WO II-film In het vuur van de storm is voor een belangrijk deel gebaseerd op het spel van een groep re-enactors op fort Ruygenhoek bij Groenekan.

  • Tegenstemwijzer (20-02-2010)
    Stem wie je wilt. Op de lieve mevrouw
    van de overkant, de jongen met de groene
    baard, het lekkerste hapje uit de krant,
    de salonsocialist, het sprekende weekdier,
    het grijze toppunt van onkreukbaarheid.

    Stem een regent of opponent of dilettant,
    alles is goed, behalve Trots en Vrij – laat
    Vreeswijk liggen waar het hoort, ver onder
    ons niveau. Geef angst en haat geen stem.
    Wees trots op de stad, niet op Nederland.

    De actiegroep Anti Fascistische Aktie ((AFA) gaat in Utrecht de campagnes verstoren van Trots op Nederland en de Partij Vrij Utrecht.
  • Stallingsmethodes (13-02-2010)
    Onder water. Op het kerkhof. In de stad.
    Bij de lommerd. In de handen van een junk.
    Met slot en al om een lantaarn geknoopt.
    In een grijze boedelkar naar Amsterdam.
    Omgesmolten tot een kleurig stalen rek.
    Onder de billen van een mooie eerstejaars.
    In een depot aan het kanaal. In het kanaal.
    Langs de gracht. Of in een reuzenrad.

    Woensdag a.s. wordt bekend wie de eerste prijs wint van de gemeentelijke prijsvraag om het fietsparkeerprobleem in de stad op te lossen. Dit is een vrije bewerking van Jan Hanlo’s gedicht ‘Wat zal ik voor je kopen, zoon?’
  • Zien is geloven (06-02-2010)
    Ik maak de mensen graag blij, dat zal het zijn.
    Ik ben de man die jou verkoopt wat je niet
    nodig had. Toch koop je het. Dat is genieten.
    Wacht, ik leg het uit. Stel dat ik zeg:

    ‘let op mijn hand’, dan let jij ergens anders
    op. Of je denkt: nu ga ik letten op die hand.
    Kortom, jij staat toe dat iemand anders voor
    je denkt. Een groter mysterie ken ik niet.

    Ik ben de kaartende kameleon. Wanneer
    je denkt dat je me door hebt, ben ik weer
    van kleur verschoten. Weet je, zien is niets:
    een kwestie van geloven. Geloven is verkopen.

    Roy van Rossum, accountmanager van de Businessclub van FC Utrecht, is ook goochelaar. Hij legt zijn trucs uit op Youtube.


  • Opluchting (30-01-2010)
    Geen stijl, maar des te meer karakter heeft
    de stad, schreef Marsman ooit. Hij heeft gelijk;
    het blijft een harde, eigenzinnige benepenheid
    die moet dicteren dat die verdomde Dom
    de duimstok voor onze ambitie blijft.

    Een beetje besturen gaat nog wel: langs
    dit tracé ploegt straks een nieuwe tramlijn
    door een woonwijk heen, verderop worstelt
    zich een bibliotheek uit de grond, alles half
    om half bedacht en gretig lamgelegd
    met procedures.

    Intussen groeien kantoren, wegen en Vinex
    rustig door, horizontale torens van honderd
    mijlen hoog en breed, veilig onder de radar
    van de maat van alle dingen – ons fatsoen.

    Utrechters op de markt bleken unaniem blij met het afgelasten van de bouw
    van de Bellen van Zuylentoren.


  • Kamers (23-01-2010)
    Er zijn kamers in het klooster
    voor een woud aan museale pikken.
    Er zijn darkrooms in de Jaarbeurs waar
    je samen in het duister tast, terwijl ze
    buiten rijen dik staan toe te kijken
    wat je doet.

    Er is een raadszaal om te twisten
    over regels, zeden en fatsoen. Dan is
    er nog mijn eigen kamer zonder houten
    piemels, swingers of politici – een kleine,
    warme haven in een vreemd heelal,

    en ik heb opeens zo’n zin om het
    vanavond op die kamer met mijn liefste
    te gaan doen.

    De ChristenUnie wil een gemeentelijk onderzoek naar de regelgeving
    op het gebied van seksinrichtingen.

  • Stiltegedicht (16-01-2010)
    In deze regels is het stil voor wie dat wil.
    Wij zitten samen in een warme kamer
    voor het raam. Buiten gumt de sneeuw
    de wereld weg; met elke vlok die valt
    wordt het nog stiller. Wanneer de wolken
    leeg zijn gaan we wandelen, als wolven
    zo geruisloos door het wit, met kousen
    over onze schoenen. Boven ons staan
    sterren die niet flonkeren, maar stralen.

    Het is in de provincie Utrecht nergens echt stil, ook niet in de officiële stiltegebieden.
    Dat blijkt uit onderzoek van de Natuur en Milieu Federatie.

  • Tweede ode aan Utrecht (09-01-2010)
    Ik hou van je. Het moet maar eens gezegd.
    Ik hou van al die oude, nooit geruimde hopen
    steen. Dat waaigat dat probeert een plein
    te zijn. Het spraakgebrek dat Utrechts heet.

    Ik hou van de Dom, die hoge hoerenkast
    die mensen reduceert tot mieren. Het water
    dat ruist tussen de sluizen. De kelders aan
    de grachten waarin zeven eeuwen huizen.

    Hoor het je dreunen? Daar komen ze aan:
    reclamemakers, marketeers en managers.
    Het is een machtig stampen. Ze branden

    je tot merk, walsen een logo van je naam,
    vervalsen je geschiedenis, ze timmeren wat
    krom was recht. Ze maken alles Utr-echt.

    Deze week presenteerde Stadspromotie het nieuwe beeldmerk van Utrecht.
    De tekst van de eerste ode aan Utrecht is te lezen op
    www.utr-echt.nl.

  • Slow building (02-01-2010)
    Draai het torenuurwerk achteruit, vijf-,
    zeshonderd jaar. Bouw een middenschip,
    klaar voor windkracht twaalf. Ontsteek
    flambouwen. Trek je wambuis aan.

    Versterk de singels, weeg dertig heksen,
    LARP de stad tot bastion. Jaag ratelende
    melaatsen naar buiten, met een beetje
    geluk breekt ook de pest weer uit.

    Haal Adrianus’ gebeente terug en loop
    processies langs de gracht voor duizenden
    toeristen. Vade retro. In zijn authentiek
    herstelde hemel slaat God de ogen op.

    Restauratiearchitect Leo Wevers pleit voor de herbouw van het middenschip
    van de Domkerk op Middeleeuwse wijze.

[Sleeker_special_clear]